AI-aangedreven detectie van winkeldiefstal breidt zich uit in Franse supermarkten, waardoor zorgen over de privacy ontstaan

22

Franse supermarkten maken steeds meer gebruik van kunstmatige intelligentie (AI) om winkeldiefstal te bestrijden, een stap die aantoonbaar de verliezen voor bedrijven vermindert, maar ook aanleiding geeft tot discussie over de juridische en ethische implicaties van realtime surveillance. De technologie, die in duizenden winkels door het hele land wordt ingezet, analyseert het gedrag van klanten via camera’s in de winkel en signaleert mogelijk frauduleuze acties aan het personeel.

Realtime bewaking in actie

De AI-systemen functioneren door de bewegingen van het winkelend publiek te monitoren en verdachte patronen te identificeren, zoals het verbergen van artikelen of het herhaaldelijk hanteren van producten zonder aankoop. Wanneer het algoritme dergelijk gedrag detecteert, stuurt het een korte videoclip rechtstreeks ter beoordeling naar de winkelmedewerkers.

“De meest effectieve indicator is verhulling”, legt Nelson Lopes uit, een supermarktmanager in Montreuil, Parijs. “Zodra verhulling wordt gedetecteerd, wordt het personeel gewaarschuwd en houden ze de camera’s nauwlettend in de gaten.”

De economische impact is aanzienlijk: detailhandelaren melden een aanzienlijke vermindering van de door diefstal veroorzaakte verliezen. Arul Judson, een andere supermarkteigenaar, schat dat AI zijn jaarlijkse verliezen heeft gehalveerd, terwijl Latifa Gharbi, een apotheker, beweert dat de technologie haar ongeveer € 4.000 per jaar bespaart, waardoor er geen speciale bewaker meer nodig is.

Juridische dubbelzinnigheid en gegevensbescherming

Ondanks de effectiviteit ervan bevindt het wijdverbreide gebruik van AI-surveillance in Franse winkelruimtes zich in een juridisch grijs gebied. Frankrijk heeft momenteel geen specifieke wetgeving die AI-gedragsmonitoring in commerciële omgevingen toestaat, en er is ook geen verplichting voor winkels om klanten te informeren wanneer de technologie wordt ingezet.

De Franse gegevensbeschermingsautoriteit, de CNIL, heeft gewaarschuwd dat dergelijke systemen op grote schaal persoonlijke gegevens verzamelen en analyseren, waardoor mogelijk de wetgeving inzake gegevensprivacy wordt overtreden zonder een goed juridisch kader.

Veesion, de Franse startup achter een groot deel van deze AI-implementatie, handhaaft de naleving van de Europese AVG-regelgeving, met het argument dat de technologie geen biometrische analyses uitvoert. Er blijven echter zorgen bestaan ​​over de omvang van de gegevensverzameling en mogelijk misbruik.

Evenwicht tussen beveiliging en privacy

Het debat over AI-surveillance vindt plaats in een bredere context van toenemende diefstal als gevolg van de crisis op de kosten van levensonderhoud. Veel winkeliers rechtvaardigen de technologie als een noodzakelijke veiligheidsmaatregel om hun bedrijf te beschermen. Sommige klanten lijken zich ook geen zorgen te maken en beschouwen de AI als gelijkwaardig aan traditionele beveiligingscamera’s.

“Het is gewoon een veiligheidsmaatregel voor de eigenaar”, zegt Loan, een shopper in Parijs. “Als het op een verantwoorde manier wordt gebruikt, heb ik er geen last van.”

Wetgevers beginnen de kwestie echter aan te pakken en overwegen voorstellen voor een meer gereguleerd kader. De vraag waar de veiligheidsmaatregelen eindigen en het toezicht begint zal in Frankrijk waarschijnlijk nog jaren een controversieel onderwerp blijven.

Uiteindelijk benadrukt de uitbreiding van AI in Franse supermarkten een groeiende spanning tussen commerciële belangen, gegevensprivacy en het zich ontwikkelende juridische landschap van surveillancetechnologie. Het ontbreken van duidelijke regelgeving roept belangrijke vragen op over transparantie en verantwoording, omdat bedrijven steeds meer afhankelijk zijn van AI om het gedrag van klanten in realtime te monitoren.